Psalmen 119:49
Zain. Gedenk des woords, tot Uw knecht gesproken, op hetwelk Gij mij hebt doen hopen.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
Remember the word unto thy servant, upon which thou hast caused me to hope.
In Context
48En ik zal mijn handen opheffen naar Uw geboden, die ik liefheb, en ik zal Uw inzettingen betrachten.
50Dit is mijn troost in mijn ellende, want Uw toezegging heeft mij levend gemaakt.
Cross References
Genesis 8:1En God gedacht aan Noach, en aan al het gedierte, en aan al het vee, dat met hem in de ark was; en God deed een wind over de aarde doorgaan, en de wateren werden stil.
2 Samuel 5:2Daartoe ook te voren, toen Saul koning over ons was, waart gij Israel uitvoerende en inbrengende; ook heeft de HEERE tot u gezegd: Gij zult Mijn volk Israel weiden, en gij zult tot een voorganger zijn over Israel.
Job 7:7Gedenk, dat mijn leven een wind is; mijn oog zal niet wederkomen, om het goede te zien.
Psalms 105:2Zingt Hem, psalmzingt Hem, spreekt aandachtelijk van al Zijn wonderen.
Psalms 106:4Gedenk mijner, o HEERE! naar het welbehagen tot Uw volk, bezoek mij met Uw heil;
Psalms 119:43En ruk het woord der waarheid van mijn mond niet al te zeer, want ik hoop op Uw rechten.