Psalmen 26:6
Ik was mijn handen in onschuld, en ik ga rondom uw altaar, o HEERE!
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
I will wash mine hands in innocency: so will I compass thine altar, O LORD:
In Context
5Ik haat de vergadering der boosdoeners, en bij de goddelozen zit ik niet.
7Om te doen horen de stem des lofs, en om te vertellen al Uw wonderen.
Cross References
Exodus 30:19Dat Aaron en zijn zonen zich daaruit wassen, hun handen en voeten.
Psalms 24:4Die rein van handen, en zuiver van hart is, die zijn ziel niet opheft tot ijdelheid, en die niet bedriegelijk zweert;
Psalms 73:13Immers heb ik te vergeefs mijn hart gezuiverd, en mijn handen in onschuld gewassen.
Malachi 2:11Juda handelt trouwelooslijk, en er wordt een gruwel gedaan in Israel, en in Jeruzalem; want Juda ontheiligt de heiligheid des HEEREN, welke Hij liefheeft; want hij heeft de dochter eens vreemden gods getrouwd.
John 13:9Simon Petrus zeide tot Hem: Heere, niet alleen mijn voeten, maar ook de handen en het hoofd.
1 Timothy 2:8Ik wil dan, dat de mannen bidden in alle plaatsen, opheffende heilige handen, zonder toorn en twisting.