Psalmen 35:26
Laat hen beschaamd en te zamen schaamrood worden, die zich in mijn kwaad verblijden; laat hen met schaamte en schande bekleed worden, die zich tegen mij groot maken.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
25Laat hen niet zeggen in hun hart: Heah, onze ziel! laat hen niet zeggen: Wij hebben hem verslonden!
Cross References
Job 19:5Indien gijlieden waarlijk u verheft tegen mij, en mijn smaad tegen mij drijft;
Psalms 38:16(38:17) Want ik zeide: Dat zij zich toch over mij niet verblijden! Wanneer mijn voet zou wankelen, zo zouden zij zich tegen mij groot maken.
Psalms 40:15(40:16) Laat hen verwoest worden tot loon hunner beschaming, die van mij zeggen: Ha, ha!
Psalms 71:13Laat hen beschaamd worden, laat hen verteerd worden, die mijn ziel tegen zijn; laat hen met smaad en schande overdekt worden, die mijn kwaad zoeken.
Psalms 109:28Laat hen vloeken, maar zegen Gij; laat hen zich opmaken, maar dat zij beschaamd worden; doch dat zich Uw knecht verblijde.
Psalms 132:18Ik zal zijn vijanden met schaamte bekleden; maar op hem zal zijn kroon bloeien.