Psalms 50:21
Deze dingen doet gij, en Ik zwijg; gij meent, dat Ik te enenmale ben, gelijk gij; Ik zal u straffen, en zal het ordentelijk voor uw ogen stellen.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
20Gij zit, gij spreekt tegen uw broeder; tegen den zoon uwer moeder geeft gij lastering uit.
22Verstaat dit toch, gij godvergetenden! opdat Ik niet verscheure en niemand redde.
Cross References
Exodus 3:14En God zeide tot Mozes: IK ZAL ZIJN, DIE IK ZIJN ZAL! Ook zeide Hij: Alzo zult gij tot de kinderen Israels zeggen: IK ZAL ZIJN heeft mij tot ulieden gezonden!
Job 34:33Zal het van u zijn, hoe Hij iets vergelden zal, dewijl gij Hem versmaadt? Zoudt gij dan verkiezen, en niet ik? Wat weet gij dan? Spreek.
Psalms 50:8Om uw offeranden zal Ik u niet straffen, want uw brandofferen zijn steeds voor Mij.
Psalms 90:8Gij stelt onze ongerechtigheden voor U, onze heimelijke zonden in het licht Uws aanschijns.
Psalms 109:1Een psalm van David, voor den opperzangmeester. O God mijns lofs! zwijg niet.
Ecclesiastes 8:11Omdat niet haastelijk het oordeel over de boze daad geschiedt, daarom is het hart van de kinderen der mensen in hen vol om kwaad te doen.