1 Kronieken 24:19
Dit was de indeling volgens hun ambtsbezigheden, die hierin bestonden, dat zij het heiligdom van Jahweh zouden betreden naar de verordeningen, die hun stamvader Aäron op bevel van Jahweh, den God van Israël, had uitgevaardigd.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
18het drie en twintigste op Delajáhoe, het vier en twintigste op Maäzjáhoe.
Cross References
1 Chronicles 6:34zoon van Elkana, zoon van Jerocham, zoon van Eliël, zoon van Tóach,
1 Chronicles 24:1Ook de zonen van Aäron werden in groepen ingedeeld. De zonen van Aäron waren Nadab, Abihoe, Elazar en Itamar.
2 Chronicles 23:8De levieten en heel Juda volbrachten dus, wat de priester Jehojada hun bevolen had.
Hebrews 7:11Zo dus de volmaaktheid bereikt was door het levietische priesterschap—want daarop berustte de wetgeving voor het volk waarom zou het dan nog nodig geweest zijn, dat er een andere Priester werd aangesteld “naar de Orde van Melkisedek,” en dat Hij niet naar de orde van Aäron werd genoemd?