bible.software › 1 Kronieken › 1 Kronieken 26 › 1 Kronieken 26:11
1 Kronieken 26:11
Chilki-jáhoe was de tweede; Tebaljáhoe, de derde; Zekarjáhoe, de vierde; in het geheel had Chosa zestien zonen en broeders.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Hilkiah the second, Tebaliah the third, Zechariah the fourth: all the sons and brethren of Hosah were thirteen.
In Context
10Tot de Merarieten behoorde Chosa. Zijn zonen waren Sjimri, het opperhoofd, die door zijn vader als opperhoofd aangesteld was, ofschoon hij niet de oudste was;
12De familiehoofden van deze groepen poortwachters kregen een taak toegewezen in de dienst van het huis van Jahweh, evenals hun andere stamgenoten.
Read all of 1 Kronieken 26
This Verse In Other Editions
Study 1 Kronieken 26:11