bible.software › 1 Kronieken › 1 Kronieken 26 › 1 Kronieken 26:30
1 Kronieken 26:30
Van de familie Chebron waren Chasjabjáhoe en zijn stamgenoten, zeventienhonderd kloeke mannen, belast met het bestuur van Israël, westelijk van de Jordaan, zowel voor alle aangelegenheden van Jahweh als voor de dienst des konings;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And of the Hebronites, Hashabiah and his brethren, men of valour, a thousand and seven hundred, were officers among them of Israel on this side Jordan westward in all the business of the LORD, and in the service of the king.
In Context
29Van de familie Jishar hadden Kenanjáhoe en zijn zonen een wereldlijk ambt in Israël: ze waren ambtenaren en rechters.
31van de familie Chebron was Jeri-ja het hoofd van de geslachten en families, die van Chebron stamden. In het veertigste jaar van Davids regering werd er bij dezen een onderzoek ingesteld, en ze bleken over kloeke mannen te beschikken in Jazer van Gilad.
Read all of 1 Kronieken 26
Cross References
1 Chronicles 23:12De zonen van Kehat waren Amram, Jishar, Chebron en Oezziël, in het geheel vier.
1 Chronicles 27:17Chasjabja, de zoon van Kemoeël, van de levieten, en Sadok van de aäronieten;
This Verse In Other Editions
Study 1 Kronieken 26:30