The Bible Software
bible.software › 1 Kronieken › 1 Kronieken 7 › 1 Kronieken 7:28

1 Kronieken 7:28

Hun erfgoed en woonplaatsen waren Betel met bijbehorende plaatsen; verder Naäran in het oosten, en Gézer, Sikem en Ajja in het westen, alle met bijbehorende plaatsen.

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

And their possessions and habitations were, Bethel and the towns thereof, and eastward Naaran, and westward Gezer, with the towns thereof; Shechem also and the towns thereof, unto Gaza and the towns thereof:

In Context

27die van Elisjama was Non; die van Non was Jehosjóea.

29In het bezit van de Manassieten waren ook Bet-Sjean, Taänak, Megiddo en Dor, alle met bijbehorende plaatsen; in deze steden waren de zonen van Josef gevestigd, den zoon van Israël.

Read all of 1 Kronieken 7

Cross References

Genesis 28:19Hij noemde die plaats Betel, terwijl de stad vroeger Loez had geheten.

Joshua 16:5Dit was het gebied van de families der Efraïmieten: De oostelijke grens van hun erfdeel was Atrot-Addar tot Hoog Bet-Choron.

Joshua 16:8Van Tappóeach liep de grens westwaarts naar de beek Kana, en eindigde bij de zee. Dit is het erfdeel van de families van de stam der Efraïmieten.

Judges 1:22Het huis van Josef trok op, en wel naar Betel; en Jahweh was met hen.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study 1 Kronieken 7:28

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← 1 Kronieken 7:271 Kronieken 71 Kronieken 7:29 →