1 Corinthiërs 11:32
Welnu, als we door den Heer worden gèoordeeld, dan is dat voor ons een les, om niet met de wereld vèroordeeld te worden.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
31Zo we onszelf naar waarheid hadden beoordeeld, zouden we niet geoordeeld worden.
33En daarom, mijn broeders, wanneer gij bijeenkomt om te eten, blijft dan op elkander wachten.
Cross References
Deuteronomy 8:5Gij weet het zelf wel, dat Jahweh, uw God, u slechts heeft getuchtigd, zoals iemand zijn eigen zoon tuchtigt,
Job 33:18Om zo zijn ziel voor de groeve te bewaren, Zijn leven voor de gang naar het graf.
Psalms 94:12Jahweh, gelukkig de man, dien Gij onderricht, En dien Gij leert uit uw wet:
Proverbs 3:11Mijn zoon, sla de lessen van Jahweh niet in de wind, Heb geen afkeer van zijn bestraffing;
Jeremiah 7:28Neen, dit moet ge hun zeggen: Dit is een volk, dat niet luistert naar Jahweh, zijn God, en zich niet laat gezeggen; de trouw is verdwenen, uit hun mond verbannen!
Romans 3:19Welnu, we weten, dat de Wet, bij al wat ze zegt, zich richt tot hen, die staan onder de Wet. Iedere mond is dus gestopt, en heel de wereld staat schuldig voor God!