1 Corinthiërs 14:4
Wie talen spreekt, sticht zichzelf; maar wie profeteert, sticht de gemeente.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
He that speaketh in an unknown tongue edifieth himself; but he that prophesieth edifieth the church.
In Context
3Maar wie profeteert, spreekt voor mensen tot stichting, vermaning en troost.
Cross References
Mark 16:17Deze wonderen zullen hen vergezellen, die hebben geloofd: in mijn Naam zullen ze duivels uitdrijven; vreemde talen zullen ze spreken;
1 Corinthians 13:2Al heb ik de gave der profetie, Al bezit ik alle geheimen en kennis, Al heb ik het volle geloof, dat bergen verzet: Zonder liefde ben ik niets.
1 Corinthians 14:5Ik wens u allen toe, dat gij in talen moogt spreken, maar meer nog, dat gij moogt profeteren; want hij die profeteert, overtreft hem die in talen spreekt, behalve als hij het ook vertolkt, zodat de gemeente er stichting uit trekt.
1 Corinthians 14:17Zeker, gij van uw kant spreekt een schoon dankgebed uit, maar de ander wordt er niet door gesticht.
1 Corinthians 14:26Hoe moet het dan, broeders? Bij uw samenkomsten mag elk iets hebben; de één een psalm, de ander een onderrichting, openbaring, taal of vertolking. Maar alles moet tot stichting geschieden.