1 Koningen 21:11
Zijn medeburgers, de oudsten en de leiders, deden wat Izébel hun had bevolen in de brief, die ze hun geschreven had.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
12Zij kondigden een vasten af, en toen het volk bijeen was, plaatsten ze Nabot vooraan.
Cross References
Exodus 1:21maakte God de vroedvrouwen tot stammoeders, omdat ze Hem hadden gevreesd.
Leviticus 19:15Gij zult bij de rechtspraak geen onrecht begaan: den arme niet bevoordelen, maar ook niet de partij van den rijke kiezen; met rechtvaardigheid moet ge uw naaste oordelen.
1 Samuel 23:20Welnu, als het u, o koning, behaagt, er heen te gaan, doe het dan; wij zullen zorgen, dat hij aan den koning wordt uitgeleverd.
2 Chronicles 24:21Maar zij spanden tegen hem samen, en stenigden hem op bevel des konings in de voorhof van de tempel van Jahweh.
Proverbs 29:26Velen dingen naar de gunst van den koning, Maar Jahweh geeft ieder wat hem toekomt.