1 Koningen 3:26
Maar de vrouw, van wie het levende kind was en wier hart ineenkromp om haar zoon, riep tot den koning: Ach mijn heer; geef haar het levende kind dan maar, en dood het niet. Maar de andere sprak: Noch ik noch zij moet het dan maar hebben; hakt het maar door!
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
25Nu sprak hij: Hakt het levende kind in tweeën, en geeft ieder de helft.
27Toen zei de koning: Geeft haar het levende kind, en doodt het niet; zij is de moeder.
Cross References
Psalms 39:3Maar nu kookt mijn hart in mijn boezem over, En als ik er aan denk, laait het vuur in mij op. Nu snik ik het uit:
Jeremiah 31:20Is Efraïm dan mijn lievelingszoon, Mijn troetelkind, Dat zo gauw Ik hem dreig, Ik hem aanstonds gedenk? Is daarom mijn hart over hem zo ontroerd, En moet Ik Mij zijner ontfermen, spreekt Jahweh?
Romans 1:31onbezonnen, onbetrouwbaar, harteloos en onmeedogend.
Philippians 2:1Wanneer dan een vermaning in Christus of een liefderijk woord, geestesgemeenschap, hartelijkheid of deernis nog vat op u heeft,
1 John 3:17Wie dan de goederen der wereld bezit, en zijn broeder in nood ziet, maar zijn hart voor hem sluit, hoe blijft dan in hem de liefde tot God?