1 Samuël 17:28
Toen Eliab, zijn oudste broeder, hem zo met de mannen hoorde spreken, werd hij nijdig op David en zei: Waarom zijt ge eigenlijk hier gekomen, en onder wiens hoede hebt ge die paar schapen in de woestijn achtergelaten? Ik ken uw roekeloosheid en vermetel hart; ge zijt hier gekomen, om naar het vechten te kijken!
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
27Het volk antwoordde hem zoals gezegd: Dat zal er gebeuren met den man, die hem verslaat.
29David antwoordde: Wat heb ik misdaan? Het is toch maar een vraag!
Cross References
Genesis 37:4Toen zijn broeders dus bemerkten, dat hun vader hem meer beminde dan al zijn broers, begonnen zij hem te haten, en gunden hem geen vriendelijk woord meer.
Genesis 37:11Maar terwijl zijn broers nijdig op hem bleven, prentte zijn vader dat verhaal in zijn geheugen.
1 Samuel 16:13Samuël nam dus de oliekruik, en zalfde hem in de kring van zijn broeders. En van die dag af rustte de geest van Jahweh op David. Daarna keerde Samuël naar Rama terug.
Psalms 35:11Ze staan tegen mij op Als valse getuigen; En wat ik mij niet ben bewust, Brengen ze tegen mij in.
Proverbs 27:4Wreed is de wraak, een stortvloed de toorn; Maar wie houdt het uit voor de jaloezie?
Matthew 10:36en ‘s mensen ergste vijanden zullen zijn huisgenoten zijn.