1 Timotheüs 1:7
ze willen leraars zijn der Wet, maar begrijpen niet eens wat ze zeggen, en wat ze zo stellig beweren.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Desiring to be teachers of the law; understanding neither what they say, nor whereof they affirm.
In Context
6Dit hebben die lieden uit het oog verloren, en daardoor zijn ze in leeg gepraat vervallen;
8Zeker we weten, dat de Wet goed is, zo men haar toepast op wettige wijze;
Cross References
Isaiah 29:13En de Heer zegt: Omdat dit volk Mij nadert met de mond, En Mij eert met de lippen alleen, Maar zijn hart heel ver van Mij houdt, En zijn vrees voor Mij enkel bestaat Uit mensenwijsheid, van buiten geleerd;
Matthew 15:14Laat hen begaan; ze zijn blinde leiders van blinden; maar als de ene blinde den anderen leidt, vallen ze allebei in de kuil.
Matthew 23:16Wee u, blinde leiders, die zegt: Heeft iemand gezworen bij de tempel, dan is het niets; maar die zweert bij het goud van de tempel, is gebonden.
John 9:40Enige farizeën, die bij Hem waren, hoorden dit, en zeiden Hem: Zijn ook wij soms blind?
Romans 1:22Ze noemden zich wijs, en werden dwaas;
Galatians 3:2Dit alleen wil ik van u weten: Hebt gij den Geest ontvangen door de werken der Wet, of door gehoor te geven aan het geloof?