2 Kronieken 11:6
Zo bracht hij Betlehem, Etam, Tekóa,
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
He built even Bethlehem, and Etam, and Tekoa,
In Context
5Roboam bleef dus in Jerusalem wonen en verbouwde verschillende steden in Juda tot vesting.
Cross References
Genesis 35:19Zo stierf Rachel; zij werd begraven op de weg naar Efráta of Betlehem.
1 Samuel 17:12David was de zoon van een Efrateër uit Betlehem in Juda, die Jesse heette en acht zonen had. Deze man was ten tijde van Saul reeds op hoge leeftijd gekomen.
1 Chronicles 4:3De zonen van Choer, den vader van Etam, waren: Jizreël, Jisjma en Jidbasj; ze hadden een zuster, die Hasselelponi heette;
2 Chronicles 20:20De volgende morgen trokken zij in alle vroegte naar de woestijn van Tekóa. En terwijl zij uitrukten, ging Josafat voor hen staan, en sprak: Juda, en gij burgers van Jerusalem, luistert naar mij! Vertrouwt op Jahweh, uw God, en gij blijft behouden; vertrouwt op zijn profeten en slaagt!
Nehemiah 3:27Vervolgens bouwden burgers van Tekóa het tweede gedeelte van het punt af tegenover de grote vooruitspringende toren tot aan de muur van de Ofel.
Amos 1:1De godsspraken van Amos, die tot de schaapherders van Tekóa behoorde, en zijn visioenen over Israël schouwde ten tijde van Ozias, den koning van Juda, en van Jeroboam, den zoon van Joas en koning van Israël, twee jaar voor de aardbeving.