bible.software › 2 Kronieken › 2 Kronieken 26 › 2 Kronieken 26:11
2 Kronieken 26:11
Ozias had een leger, dat krijgsdienst verrichtte en uittrok in zoveel afdelingen, als de schrijver Jeïël en de beambte Maäsejáhoe onder toezicht van Chananjáhoe, een van ‘s konings opperste beambten, gemonsterd hadden.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Moreover Uzziah had an host of fighting men, that went out to war by bands, according to the number of their account by the hand of Jeiel the scribe and Maaseiah the ruler, under the hand of Hananiah, one of the king’s captains.
In Context
10ook bouwde hij torens in de woestijn. Bovendien liet hij een groot aantal bronnen slaan; want hij bezat een grote veestapel, en had landbouwers in de kustvlakte en op de hoogvlakte, en wijngaardeniers op het gebergte en de Karmel; hij was namelijk een liefhebber van landbouw.
12Het aantal familiehoofden, de dappere mannen, bedroeg zes en twintighonderd in het geheel.
Read all of 2 Kronieken 26
Cross References
2 Kings 5:2Nu waren er vroeger in het land van Israël aramese benden op strooptocht geweest, en hadden daar een nog jong meisje geroofd. Dit was nu in dienst bij de vrouw van Naäman.
This Verse In Other Editions
Study 2 Kronieken 26:11