2 Kronieken 29:12
Toen stonden de volgende levieten op: Máchat, de zoon van Amasai; Joël, de zoon van Azarjáhoe, uit het geslacht Kehat; Kisj, de zoon van Abdi, en Azarjáhoe, de zoon van Jehallelel, uit het geslacht Merari; Joach, de zoon van Zimma, en Éden, de zoon van Joach, uit het geslacht Gersjon;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
13Sjimri en Jeïël uit de familie Elisafan; Zekarjáhoe en Mattanjáhoe, uit het geslacht Asaf;
Cross References
Numbers 3:17Dit zijn de namen van de zonen van Levi: Gersjon, Kehat en Merari.
Numbers 4:2Neemt van de Levieten het volledig getal der Kehatieten op naar hun geslachten en families,
1 Chronicles 6:44Zijn ambtgenoot, die aan zijn linkerhand stond, was een Merariet, namelijk Etan. Deze was de zoon van Kisji, den zoon van Abdi zoon van Malloek,
1 Chronicles 23:7De zonen van Gersjon waren Ladan en Sjimi.