bible.software › 2 Koningen › 2 Koningen 4 › 2 Koningen 4:28
2 Koningen 4:28
Nu sprak zij: Heer, heb ik u soms om een zoon gevraagd? Heb ik u niet gezegd: Misleid mij toch niet!
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Then she said, Did I desire a son of my lord? did I not say, Do not deceive me?
In Context
27Maar toen ze bij den godsman op de berg was gekomen, omklemde ze zijn voeten. Gechazi trachtte haar weg te duwen, maar de godsman sprak: Laat haar begaan, want ze is diep bedroefd; Jahweh houdt het voor mij verborgen, en heeft het mij niet geopenbaard.
29Toen beval hij Gechazi: Omgord uw lenden, neem mijn staf in de hand, en ga hem op den jongen leggen; en als ge iemand ontmoet, groet hem niet, en wanneer men u groet, antwoord dan niet.
Read all of 2 Koningen 4
Cross References
Genesis 30:1Toen Rachel zag, dat zij Jakob geen kinderen schonk, werd zij jaloers op haar zuster, en zei tegen Jakob: Geef mij zonen, anders ga ik dood.
This Verse In Other Editions
Study 2 Koningen 4:28