bible.software › 2 Samuël › 2 Samuël 1 › 2 Samuël 1:13
2 Samuël 1:13
Daarop sprak David tot den jongen man, die met die tijding kwam: Wat is uw afkomst? Hij antwoordde: Ik ben de zoon van een vreemdeling uit Amalek.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And David said unto the young man that told him, Whence art thou? And he answered, I am the son of a stranger, an Amalekite.
In Context
12Wenend en vastend rouwden zij tot de avond over Saul en zijn zoon Jonatan, over het volk van Jahweh en het huis Israël, omdat zij door het zwaard waren gevallen.
14David zeide tot hem: Hoe is het dan mogelijk, dat ge er niet voor zijt teruggeschrokken, uw hand uit te steken en den gezalfde van Jahweh te doden!
Read all of 2 Samuël 1
Cross References
2 Samuel 1:8Hij vroeg me: Wie zijt ge? Ik antwoordde hem: Ik ben een Amalekiet.
This Verse In Other Editions
Study 2 Samuël 1:13