bible.software › 2 Samuël › 2 Samuël 14 › 2 Samuël 14:8
2 Samuël 14:8
De koning zei tot de vrouw: Ga maar naar huis; ik zal uitspraak doen in uw zaak.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And the king said unto the woman, Go to thine house, and I will give charge concerning thee.
In Context
7En nu eist de hele familie van uw dienstmaagd: Lever den broedermoordenaar uit! We willen zijn leven voor dat van zijn broer, dien hij vermoord heeft, en willen ook den erfgenaam uit de weg ruimen! Zo willen ze de vonk uitdoven, die mij nog rest, en gunnen mijn man naam noch nakroost op aarde.
9Maar de vrouw uit Tekóa zeide tot den koning: Ja maar, mijn heer en koning, de bloedschuld komt op mij neer en op mijn familie; de koning en zijn troon hebben er geen hinder van.
Read all of 2 Samuël 14
Cross References
2 Samuel 16:4Toen zeide de koning tot Siba: Zo; dan is alles, wat aan Mefibósjet behoort, voor u! Siba antwoordde: Ik betuig u mijn hulde, mijn heer en koning; moge ik genade vinden in uw ogen!
Proverbs 18:13Geeft iemand antwoord, eer hij heeft geluisterd, Dan strekt hem dit tot dwaasheid en schande.
This Verse In Other Editions
Study 2 Samuël 14:8