bible.software › 2 Samuël › 2 Samuël 19 › 2 Samuël 19:12
2 Samuël 19:12
Gij zijt mijn broeders, gij zijt mijn vlees en bloed; waarom zoudt gij dan de laatsten zijn, om den koning terug te halen?
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Ye are my brethren, ye are my bones and my flesh: wherefore then are ye the last to bring back the king?
In Context
11Toen koning David van die stemming onder heel Israël hoorde, liet hij aan de priesters Sadok en Ebjatar weten: Gij moet tot de oudsten van Juda zeggen: Waarom zoudt gij de laatsten zijn, om den koning terug te halen naar zijn paleis?
13En tot Amasa moet gij zeggen: Ook gij zijt mijn vlees en bloed. God moge zo met mij doen en nog erger: gij zult voortaan als legeroverste in mijn dienst staan, in plaats van Joab.
Read all of 2 Samuël 19
Cross References
Judges 9:2Dit moet ge al de burgers van Sikem eens duidelijk zeggen: “Wat is beter voor u, dat al de zeventig zonen van Jeroebbáal over u heersen, of dat één man u regeert? En denkt daarbij, dat ik van uw gebeente en vlees ben.”
2 Samuel 8:17Sadok, de zoon van Achitoeb, en Ebjatar, de zoon van Achimélek, waren priesters; Seraja was schrijver;
This Verse In Other Editions
Study 2 Samuël 19:12