2 Samuël 3:34
Uw handen waren nimmer geboeid, Uw voeten nimmer in ketenen geklonken! Moest gij vallen, zoals booswichten vallen? Daardoor betreurde heel het volk Abner nog meer.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
33Toen hief de koning een klaagzang aan op Abner en sprak: Moest Abner als een goddeloze sterven?
Cross References
2 Samuel 1:12Wenend en vastend rouwden zij tot de avond over Saul en zijn zoon Jonatan, over het volk van Jahweh en het huis Israël, omdat zij door het zwaard waren gevallen.
Psalms 107:10Anderen zaten in duister en donker, In ellende en boeien gekluisterd;