2 Timotheüs 2:20
Maar in een groot huis zijn niet slechts vaten van goud en zilver, maar ook van hout en leem; sommige met eervolle, andere met smadelijke bestemming.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
Cross References
Ezra 1:6En allen, die in hun omgeving woonden, steunden hen zo goed mogelijk met zilver en goud, met have en vee, en gaven daarenboven nog allerlei kostbaarheden als offergift mee.
Lamentations 4:2Hoe werden de kostelijke zonen van Sion, Waard hun gewicht aan het fijnste goud, Als aarden kruiken behandeld, Het maaksel van den pottenbakker.
Romans 9:21Of is soms de pottenbakker geen baas over het leem, om uit eenzelfde massa het ene vat te maken met een eervolle, het andere met een smadelijke bestemming?
1 Corinthians 3:16Weet gij niet, dat gij Gods tempel zijt en dat Gods Geest in u woont?
Ephesians 2:22in Hem wordt ook gij opgebouwd, tezamen met de anderen, tot een woning van God in den Geest.
Hebrews 3:2die getrouw is aan Hem, die Hem gemaakt heeft, zoals ook “Moses in geheel zijn huis.”