2 Timotheüs 4:12
Túchicus heb ik naar Éfese gezonden.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And Tychicus have I sent to Ephesus.
In Context
Cross References
Acts 20:4Als reisgezellen had hij een Bereër Sópater, den zoon van Pyrrus, Aristarchus en Secundus van Tessalonika, Cajus van Derbe, Timóteus, en de Asiaten Túchicus en Trófimus;
Acts 20:25Zie, thans weet ik, dat gij mij niet weerziet gij allen, onder wie ik rondging, om het koninkrijk Gods te verkondigen.
Colossians 4:7Túchicus, mijn geliefde broeder, de trouwe dienaar en medearbeider in den Heer, zal u volledig inlichten over mijn toestand.
Titus 3:12Wanneer ik Artemas en Túchicus tot u zend, kom dan spoedig bij me te Nikópolis; want ik heb besloten, daar de winter door te brengen.