Handelingen 27:38
Nadat ze waren verzadigd, wierpen ze de voorraad in zee, om het schip te ontlasten.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And when they had eaten enough, they lightened the ship, and cast out the wheat into the sea.
In Context
37Allen tezamen waren ze met twee honderd zes en zeventig mensen aan boord.
Cross References
Job 2:4Maar Satan gaf Jahweh ten antwoord: Huid voor huid tenslotte geeft de mens al, wat hij heeft, voor zijn leven.
Jonah 1:5In hun angst riepen de schepelingen allen hun eigen goden aan, en wierpen de lading in zee, om het schip te ontlasten. Maar Jonas was in het scheepsruim gegaan, had zich daar ter ruste gelegd, en was in diepe slaap gevallen.
Matthew 16:26Wat baat het den mens, zo hij de hele wereld wint, maar schade lijdt aan zijn ziel? Of wat zal de mens in ruil geven voor zijn ziel?
Acts 27:18Geweldig bleef de storm ons beuken. De volgende dag wierp men de lading in zee,