Colossenzen 2:9
Immers in Hem woont in werkelijkheid de ganse volheid der Godheid;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
For in him dwelleth all the fulness of the Godhead bodily.
In Context
Cross References
Matthew 1:23“Zie, de maagd zal ontvangen, en een zoon baren; en men zal Hem Emmánuel noemen”; dat is vertaald: God met ons.
Luke 14:22De dienaar zei: Heer, er is gedaan wat ge bevolen hebt; en nog is er plaats.
John 2:21Maar Hij sprak over de tempel van zijn lichaam.
John 10:38maar doe Ik ze wel, gelooft dan de werken, ook al zoudt gij Mij niet geloven; dan zoudt gij erkennen en weten, dat de Vader in Mij is, en Ik in den Vader ben.
John 14:20Op die dag zult gij erkennen, dat Ik in mijn Vader ben, en gij in Mij, en Ik in u. —
2 Corinthians 5:19Want het was God, die door Christus de wereld met Zich verzoende en haar de overtredingen niet toerekende, en die òns de prediking der Verzoening heeft opgedragen.