Deuteronomium 1:38
maar wel uw dienaar Josuë, de zoon van Noen. Spreek hem dus moed in, want hij zal Israël in het bezit ervan stellen.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
37Ook op mij werd Jahweh vergramd om wille van u, en Hij sprak: Ook gij zult daar niet binnengaan,
Cross References
Exodus 24:13Toen maakte Moses met zijn dienaar Josuë zich gereed, en besteeg Moses de berg Gods.
Numbers 13:8uit de stam Efraïm Hosjéa, de zoon van Noen;
Numbers 14:30Neen, gij komt het land niet binnen, dat Ik u met opgestoken hand als woonplaats beloofd heb, behalve Kaleb, de zoon van Jefoenne en Josuë, de zoon van Noen.
Numbers 26:65Want Jahweh had hun gezegd: Ze zullen in de woestijn sterven, en er zal niemand van hen overblijven, behalve Kaleb, de zoon van Jefoenne, en Josuë, de zoon van Noen.
Numbers 34:17De volgende mannen moeten het land onder u verdelen: De priester Elazar en Josuë, de zoon van Noen;
Deuteronomy 31:7Toen riep Moses Josuë, en zei hem in tegenwoordigheid van heel Israël: Wees moedig en dapper; want gij zult dit volk het land binnenleiden, dat Jahweh onder ede hun vaderen beloofd heeft hun te geven; en het onder hen verdelen.