bible.software › Deuteronomium › Deuteronomium 16 › Deuteronomium 16:17
Deuteronomium 16:17
doch iedereen moet geven naar vermogen en naar de zegen, die Jahweh, uw God, u geschonken heeft.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Every man shall give as he is able, according to the blessing of the LORD thy God which he hath given thee.
In Context
16Drie maal per jaar moeten alle mannen voor het aanschijn van Jahweh, uw God, verschijnen op de plaats, die Hij zal uitverkiezen: op het feest van de ongedesemde broden, op het feest der weken, en op het loofhuttenfeest. Maar men mag niet met lege handen voor Jahweh verschijnen;
18Ge moet in al uw steden, die Jahweh, uw God, aan uw stammen zal geven, rechters en ambtslieden over u aanstellen, die voor het volk een rechtvaardig oordeel zullen vellen.
Read all of Deuteronomium 16
Cross References
Deuteronomy 16:10Dan moet ge het feest der weken voor Jahweh, uw God, vieren, en naar uw vermogen, en naar gelang Jahweh, uw God, u heeft gezegend, een vrijwillige gave schenken.
Ezra 2:63en verbood hun de landvoogd, van de heilige spijzen te eten, totdat er een priester met de Oerim en Toemmim zou optreden.
2 Corinthians 8:12Zo de goedgeefsheid evenredig is aan wat men bezit, is ze welgevallig; zo niet, dan is ze het niet.
This Verse In Other Editions
Study Deuteronomium 16:17