bible.software › Deuteronomium › Deuteronomium 27 › Deuteronomium 27:4
Deuteronomium 27:4
wanneer gij dus aan de overkant van de Jordaan zijt gekomen, moet ge die stenen, waarvan Ik u spreek, met kalk bestrijken, en op de berg Ebal oprichten.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Therefore it shall be when ye be gone over Jordan, that ye shall set up these stones, which I command you this day, in mount Ebal, and thou shalt plaister them with plaister.
In Context
3en alle woorden van deze Wet daarop schrijven. En wanneer gij dus zijt overgetrokken, om in het land te komen, dat Jahweh, uw God, u gaat geven, een land dat druipt van melk en honing, zoals Jahweh, de God uwer vaderen beloofd heeft:
5Dan moet gij daar voor Jahweh, uw God, een altaar bouwen. Het moet een altaar van stenen zijn, die ge niet met ijzer moogt bewerken;
Read all of Deuteronomium 27
Cross References
Deuteronomy 11:29En wanneer Jahweh, uw God, u in het land heeft gebracht, dat gij nu in bezit gaat nemen, dan moet ge de zegen op de berg Gerizzim vastleggen, en de vloek op de berg Ebal;
Joshua 8:30In die tijd bouwde Josuë op de berg Ebal een altaar voor Jahweh, Israëls God,
This Verse In Other Editions
Study Deuteronomium 27:4