Deuteronomium 3:14
Jaïr, de zoon van Manasse, ontving heel de streek Argob tot aan het land der Gesjoerieten en Maäkatieten, en noemde haar naar zijn naam, kampementen van Jaïr, zoals ze nu nog heten;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
15aan Makir gaf ik het ene gedeelte van Gilad.
Cross References
Numbers 32:41Ook Jaïr, de zoon van Manasse, trok op, veroverde hun kampementen en noemde ze kampementen van Jaïr.
2 Samuel 3:3de tweede Kilab, van Abigáil, de vrouw van Nabal uit Karmel; de derde Absalom, een zoon van Maäka, een dochter van Talmai, den koning van Gesjoer;
2 Samuel 13:37Absalom had intussen de vlucht genomen en zich begeven naar Talmai, den zoon van Ammichoer en koning van Gesjoer; al die tijd treurde de koning over zijn zoon.
2 Samuel 23:34Elifélet, de zoon van Achasbai, uit Bet-Maäka; Eliam, de zoon van Achitófel, uit Gilo;
1 Chronicles 2:22Segoeb verwekte Jaïr; hij beschikte over drie en twintig steden in het land Gilad.