Deuteronomium 32:10
Hij vond hem in een woestenij In de eenzaamheid, bij het huilen der steppe. Hij heeft hem met zorgen omringd, en vertroeteld, Als de appel van zijn oog hem bewaard;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
9Maar het deel van Jahweh was zijn volk, Jakob was zijn erfdeel,
Cross References
Deuteronomy 4:36Om u te onderrichten heeft Hij uit de hemel zijn stem laten horen en op de aarde u zijn machtig vuur laten zien, en hebt gij midden uit het vuur zijn woorden gehoord.
Nehemiah 9:19zelfs toen nog hebt Gij in uw grote ontferming ze in de woestijn niet verlaten. De wolkkolom week niet van hen overdag, om hen op de weg te geleiden, en de vuurkolom niets des nachts, om hun weg te verlichten, die ze hadden te gaan;
Psalms 17:8Behoed mij als de appel van uw oog, Verberg mij in de schaduw uwer vleugelen:
Psalms 107:4Sommigen doolden in woestijn en wildernis rond, Zonder de weg naar hun woonplaats te vinden;
Proverbs 7:2Onderhoud mijn geboden, opdat ge moogt leven, Let op mijn wenken als op de appel van uw oog.
Jeremiah 2:6Ze vroegen niet meer: Waar is Jahweh toch, Die ons uit Egypteland voerde, En ons geleid heeft door de woestijn? Een land van steppe en ravijnen, Een land van dorheid en donker, Een land, waar niemand doorheen trekt, Waar niemand wil wonen.