Deuteronomium 32:19
God zag het, en verwierp Uit gramschap zijn zonen en dochters.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
18Maar de Rots, die u verwekte, hebt ge vergeten, Vergeten den God, die u baarde!
Cross References
Judges 2:14Toen barstte Jahweh’s toorn los tegen Israël; Hij gaf hen prijs aan plunderzieke benden, die hen uitschudden, en leverde hen over aan hun vijanden rondom, zodat ze niet langer tegen hun vijanden waren opgewassen.
Psalms 10:3Zie, de goddeloze pocht op zijn lusten, De woekeraar prijst zich gelukkig,
Psalms 82:6Ik had gezegd: Gij zijt goden, Zonen van den Allerhoogste, gij allen;
Isaiah 1:2Hemelen hoort, en aarde luister: Want het is Jahweh, die spreekt! Ik bracht kinderen groot, en voedde ze op: Maar ze zijn Mij ontrouw geworden.
Jeremiah 44:21Is het juist niet de wierook geweest, die gij in de steden van Juda en op Jerusalems straten hebt gebrand, gij, uw vaders, uw koningen, uw aanvoerders en het gewone volk: is het niet de wierook geweest, waaraan Jahweh gedacht heeft, en die Hem ter harte is gegaan?
Amos 3:2Voor u alleen heb Ik zorg gedragen Onder alle geslachten der aarde: Maar daarom zal Ik u ook bestraffen Voor al uw zonden!