Deuteronomium 8:3
Hij heeft u vernederd, en u honger doen lijden; maar Hij heeft u ook met het manna gespijzigd, dat gij nooit hadt gekend, en ook uw vaderen niet kenden, om u te leren, dat de mens niet leeft van brood alleen, maar leeft van al wat komt uit Jahweh’s mond.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
4Uw kleed is aan uw lijf niet versleten, en uw voet niet gezwollen al die veertig jaar lang.
Cross References
Exodus 16:2Weer begon heel de gemeente van Israël in de woestijn tegen Moses en Aäron te morren,
Exodus 16:12Ik heb het morren van Israëls kinderen gehoord. Zeg hun nu: Bij het vallen van de avond zult ge vlees kunnen eten, en morgenvroeg volop brood; dan zult ge weten, dat Ik, Jahweh, uw God ben!
Deuteronomy 29:5Ik heb u veertig jaren lang door de woestijn geleid; de kleren zijn niet aan uw lijf, de schoenen niet aan uw voeten versleten;
Psalms 37:3Vertrouw op Jahweh, doe enkel wat goed is, Blijf in het land en wees trouw;
Psalms 104:27Allen zien naar U uit, Om voedsel, elk op zijn tijd.
Matthew 4:4Maar Hij antwoordde: Niet van brood alleen leeft de mens, doch van ieder woord, dat komt uit de mond van God.