Prediker 12:5
Eer men opziet tegen iedere hoogte, En men bang is op straat; De amandel niet meer smaakt, de sprinkhaan te zwaar ligt, En het kapperkruid niet meer bekomt. Eer men op weg is naar zijn eeuwige woning, En de klagers al rondgaan op straat;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
Cross References
Genesis 44:29Als ge nu ook dezen van mij wegneemt, en hem een ongeluk overkomt, dan zoudt ge mijn grijze haren met kommer ten grave doen dalen”.
Genesis 50:3Veertig dagen gingen er mee heen; want zolang duurt de balseming. En zeventig dagen bedreven de Egyptenaren rouw over hem.
Job 15:10Ook onder ons zijn bejaarden en grijsaards, Ouder van dagen nog dan uw vader!
Job 30:23Ja, ik weet, Gij leidt mij ten dode, Naar de verzamelplaats van al wat leeft.
Psalms 71:18Wil mij ook thans, nu ik oud ben en grijs, Toch nimmer verlaten, o God; Dan zal ik dit geslacht uw arm doen kennen, Heel het komend geslacht uw kracht.
Proverbs 20:29Het sieraad der jongemannen is hun kracht, Grijze haren zijn de pronk van de ouderdom.