The Bible Software
bible.software › Esther › Esther 3 › Esther 3:5

Esther 3:5

Toen Haman dus zag, dat Mordokai niet boog en zich niet voor hem neerwierp, werd hij hevig vertoornd.

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

And when Haman saw that Mordecai bowed not, nor did him reverence, then was Haman full of wrath.

In Context

4Maar toen hij niet naar hen wilde luisteren, ofschoon ze hem dagen lang hetzelfde zeiden, gingen zij het aan Haman vertellen, om te zien, of Mordokai dit vol kon houden; want hij had hun geantwoord, dat hij een Jood was.

6Maar het was hem te min, de hand alleen aan Mordokai te slaan; want men had hem verteld, tot welk volk Mordokai behoorde. Daarom zocht Haman naar een middel, om al de Joden, het volk van Mordokai, in heel het rijk van Achasjwerosj te vernietigen.

Read all of Esther 3

Cross References

Esther 1:12Koningin Wasjti verzette zich echter tegen het bevel van den koning, dat haar door de kamerlingen werd overgebracht, en weigerde te komen. Toen ontstak de koning in vreselijk heftige toorn,

Esther 5:9Die dag verliet Haman vrolijk en welgemoed het paleis; maar toen hij in het koninklijke poortgebouw Mordokai zag, die niet opstond en zich niet voor hem verroerde, werd hij woedend op Mordokai.

Psalms 37:12De zondaar belaagt den rechtvaardige, En knarst tegen hem op zijn tanden;

Proverbs 19:19Een driftig mens zal moeten boeten; Wilt ge hem helpen, ge maakt het nog erger.

Proverbs 27:3Plomp is een steen, en zwaar het zand; Zwaarder dan beide is het humeur van een dwaas.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Esther 3:5

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Esther 3:4Esther 3Esther 3:6 →