Exodus 10:27
Maar Jahweh verhardde het hart van Farao, zodat hij weigerde, hen te laten vertrekken.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
But the LORD hardened Pharaoh’s heart, and he would not let them go.
In Context
Cross References
Exodus 4:21En Jahweh sprak tot Moses: Wanneer ge teruggekeerd zijt in Egypte, zorg er dan voor, alle wonderen, waartoe Ik u de macht heb gegeven, ten aanschouwen van Farao te verrichten. Maar Ik zal zijn hart verharden, zodat hij het volk niet laat gaan.
Exodus 10:20Maar Jahweh verhardde het hart van Farao, zodat hij de Israëlieten niet liet vertrekken.
Exodus 14:8Want Jahweh had het hart van Farao, den koning van Egypte, verhard, zodat hij de Israëlieten achtervolgde, ofschoon de kinderen Israëls waren vertrokken onder de schutse van een machtige hand.
Revelation 16:10De vijfde goot zijn schaal leeg op de troon van het Beest: Zijn rijk werd verduisterd; en ze verbeten hun tongen van pijn.