bible.software › Exodus › Exodus 16 › Exodus 16:2
Exodus 16:2
Weer begon heel de gemeente van Israël in de woestijn tegen Moses en Aäron te morren,
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And the whole congregation of the children of Israel murmured against Moses and Aaron in the wilderness:
In Context
1Nadat heel de gemeenschap van Israël van Elim was opgebroken, trokken zij naar de woestijn van Sin, die tussen Elim en de Sinaï ligt; het was op de vijftiende dag van de tweede maand na hun uittocht uit Egypte.
3en de kinderen Israëls zeiden tot hen: Waren we maar in Egypte door de hand van Jahweh gestorven, toen we bij de vleespotten zaten en volop brood konden eten; waarachtig, ge hebt ons naar deze woestijn gebracht, om heel deze menigte van honger te doen sterven.
Read all of Exodus 16
Cross References
Exodus 14:11en zeiden tot Moses: Waren er in Egypte geen graven genoeg, dat ge ons hebt meegenomen, om te sterven in de woestijn? Wat hebt ge gedaan, met ons uit Egypte weg te voeren!
Psalms 106:7Onze vaderen in Egypte Hebben al niet op uw wonderen gelet; En zonder aan uw talrijke gunsten te denken, Zich bij de Rode Zee tegen den Allerhoogste verzet!
Psalms 106:25Ze begonnen in hun tenten te morren, En luisterden niet naar Jahweh’s stem.
This Verse In Other Editions
Study Exodus 16:2