Exodus 32:14
Toen kreeg Jahweh spijt over het onheil, waarmee Hij zijn volk had bedreigd.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And the LORD repented of the evil which he thought to do unto his people.
In Context
Cross References
Numbers 14:20Toen sprak Jahweh: Op uw bede schenk Ik vergiffenis.
Deuteronomy 32:26Ik had zeker gezegd: Ik vaag ze weg, Laat zelfs hun gedachtenis onder de mensen verdwijnen,
Judges 2:18Als Jahweh hun Rechters verwekt had, dan was Jahweh ook met den Rechter, en bevrijdde Hij hen van hun vijanden, zolang de Rechter leefde; want hun gejammer om hun verdrukkers en vervolgers ging Jahweh ter harte.
1 Chronicles 21:15Ook naar Jerusalem zond God den engel, om er verderf te stichten. (b) Toen kreeg Jahweh spijt over het onheil, en Hij sprak tot den verderfengel: Genoeg nu; trek nu uw hand terug! De engel van Jahweh bevond zich toen nabij de dorsvloer van Ornan, den Jeboesiet.
Psalms 106:45Dan was Hij voor hen zijn verbond weer indachtig, Had deernis met hen naar zijn grote ontferming;
Jeremiah 26:13Verbetert liever uw handel en wandel, en luistert naar Jahweh, uw God; dan krijgt Jahweh nog spijt van het onheil, waarmee Hij u heeft bedreigd.