bible.software › Ezechiël › Ezechiël 46 › Ezechiël 46:8
Ezechiël 46:8
Als de vorst de tempel bezoekt, moet hij langs de poorthal binnenkomen, en langs dezelfde weg terugkeren.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And when the prince shall enter, he shall go in by the way of the porch of that gate, and he shall go forth by the way thereof.
In Context
7Bij den stier en den ram moet hij een meeloffer van een efa brengen, bij de lammeren zoveel als hij zelf verkiest, en bij iedere efa een hin olie.
9Maar komt op feestdagen het gewone volk voor Jahweh, dan moeten zij, die langs de noorderpoort komen aanbidden, door de zuiderpoort terugkeren; en zij die langs de zuiderpoort binnenkomen, moeten door de noorderpoort vertrekken. Men mag niet terugkeren door dezelfde poort, waardoor men gekomen is; men moet langs de overkant heengaan.
Read all of Ezechiël 46
Cross References
Ezekiel 44:1Toen bracht hij mij weer naar de buitenste oosterpoort voor het heiligdom. Die was gesloten.
Ezekiel 46:2Dan moet de vorst van buiten door de poorthal binnenkomen, en in de poortdeur blijven staan; dan zullen de priesters zijn brandoffer en dankoffers opdragen, en hij zal zich neerbuigen op de drempel van de poort. Als hij de poort verlaten heeft, mag die tot de avond niet gesloten worden.
This Verse In Other Editions
Study Ezechiël 46:8