Genesis 1:14
God sprak: Er moeten lichten komen aan het hemelgewelf, om de dag en de nacht van elkaar te scheiden; zij moeten ook tot tekenen dienen voor vaste tijden, dagen en jaren;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
13Weer werd het avond en morgen: de derde dag.
15en als lichten staan aan het hemelgewelf, om de aarde te verlichten. Zo geschiedde.
Cross References
Genesis 9:13Mijn boog zet Ik in de wolken Als een teken van het verbond tussen Mij en de aarde!
Job 3:9Mogen de sterren van zijn ochtendschemering worden gedoofd; Hij hope op licht, dat niet daagt, Hij aanschouwe de wimpers van het morgenrood niet!
Job 25:5Zie, zelfs de maan is niet helder, De sterren zijn niet rein in zijn ogen:
Job 38:31Kunt gij de banden der Plejaden knopen, Of de boeien van de Orion slaken;
Psalms 8:4Wat is dan een mens, dat Gij hem zoudt gedenken, Een mensenkind, dat Gij acht op hem slaat?
Psalms 74:16Door U kwam de dag, door U kwam de nacht, Gij hebt de maan en de zon haar plaatsen bereid.