Genesis 21:27
Daarop haalde Abraham schapen en runderen, gaf ze aan Abimélek ten geschenke, en zij sloten een verbond met elkander.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And Abraham took sheep and oxen, and gave them unto Abimelech; and both of them made a covenant.
In Context
28Toen Abraham zeven lammetjes had afgezonderd,
Cross References
Genesis 14:22Maar Abram zei tot den koning van Sodoma: Ik steek mijn hand tot Jahweh op, den allerhoogsten God, den Schepper van hemel en aarde:
Genesis 26:31De volgende morgen zwoeren zij elkander de eed. Toen liet Isaäk hen vertrekken, en zij gingen van hem in vrede heen.
1 Samuel 18:3En omdat Jonatan evenveel van David hield als van zich zelf, sloot hij vriendschap met hem.
Proverbs 18:16Een geschenk verschaft iemand ruimte, Het geeft hem toegang tot de groten.
Proverbs 21:14Toorn wordt door een stille gift ontwapend, Hevige gramschap door een geschenk in de buidel.
Ezekiel 17:13Toen koos hij iemand van koninklijk geslacht, sloot met hem een verbond, en verplichtte hem onder ede. De voornaamsten van het land nam hij mee,