The Bible Software
bible.software › Genesis › Genesis 25 › Genesis 25:6

Genesis 25:6

Aan de zonen van zijn bijvrouwen gaf Abraham geschenken, en zond ze nog tijdens zijn leven weg, uit de omgeving van zijn zoon Isaäk naar de overkant, het land van het oosten.

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

But unto the sons of the concubines, which Abraham had, Abraham gave gifts, and sent them away from Isaac his son, while he yet lived, eastward, unto the east country.

In Context

5Abraham gaf alles, wat hij bezat aan Isaäk.

7Dit is het getal van Abrahams levensjaren; honderd vijf en zeventig jaar.

Read all of Genesis 25

Cross References

Genesis 16:3En Sarai, Abrams vrouw, nam Hagar, haar egyptische slavin, en gaf ze tot vrouw aan Abram, haar man; Abram woonde toen al tien jaar in het land Kanaän.

Genesis 25:1Abraham had nog een andere vrouw genomen, Ketoera geheten.

Genesis 30:4Zij gaf hem dus haar slavin Bilha tot vrouw, en Jakob hield gemeenschap met haar.

Genesis 32:22Maar nog in diezelfde nacht stond hij op, nam zijn twee vrouwen, zijn beide slavinnen en zijn elf zonen, en stak het wed van de Jabbok over.

Judges 6:3Telkens als de Israëlieten gezaaid hadden, trokken de Midjanieten, Amalekieten en stammen uit het oosten tegen hen uit,

Judges 19:4En omdat zijn schoonvader, de vader van het meisje, er bij hem nu zo op aandrong, bleef hij drie dagen bij hem. En ze aten, dronken en overnachtten daar.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Genesis 25:6

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Genesis 25:5Genesis 25Genesis 25:7 →