The Bible Software
bible.software › Genesis › Genesis 26 › Genesis 26:12

Genesis 26:12

Nu begon Isaäk in dat land te zaaien, en won dat jaar een honderdvoudige oogst; want Jahweh zegende hem.

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

Then Isaac sowed in that land, and received in the same year an hundredfold: and the LORD blessed him.

In Context

11Toen liet Abimélek aan heel het volk afkondigen: Wie dezen man of zijn vrouw enig leed durft doen, zal sterven.

13De man werd al rijker en rijker, totdat hij grote overvloed bezat.

Read all of Genesis 26

Cross References

Genesis 24:35Jahweh heeft mijn heer overvloedig gezegend, zodat hij rijk is geworden; Hij heeft hem schapen en runderen, zilver en goud, slaven en slavinnen, kamelen en ezels geschonken.

Genesis 26:3Vestig u in dit land, en Ik zal met u zijn en u zegenen; want aan u en uw geslacht zal Ik al deze landen geven, en Ik zal de eed, die Ik uw vader Abraham gezworen heb, gestand doen.

Genesis 30:30Want vóór mijn komst was uw bezit slechts gering, maar sedert dien is het geweldig vermeerderd; Jahweh heeft u gezegend bij iedere stap, die ik zette. Wanneer zal ik nu eindelijk eens voor mijn eigen gezin kunnen zorgen?

Psalms 67:6De aarde heeft haar oogst gegeven, De Heer, onze God, ons gezegend;

Proverbs 10:22Het is de zegen van Jahweh, die rijk maakt; Eigen beslommering voegt er niets aan toe.

Zechariah 8:12Want het zaad zal gedijen, de wijnstok zijn vrucht geven, de grond zijn oogst, de hemel zijn dauw; Ik geef dit alles aan de Rest van dit volk tot bezit.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Genesis 26:12

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Genesis 26:11Genesis 26Genesis 26:13 →