The Bible Software
bible.software › Genesis › Genesis 30 › Genesis 30:13

Genesis 30:13

Nu sprak Lea: Wat een geluk! Nu prijzen de vrouwen mij gelukkig. En ze noemde hem Aser.

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

And Leah said, Happy am I, for the daughters will call me blessed: and she called his name Asher.

In Context

12Nog baarde Zilpa, de slavin van Lea, Jakob een zoon.

14Eens ging Ruben in de tijd van de tarweoogst het veld in, en vond er liefdesappeltjes, die hij naar zijn moeder Lea bracht. Nu vroeg Rachel aan Lea: Geef mij een paar appeltjes van uw zoon.

Read all of Genesis 30

Cross References

Genesis 35:26De zonen van Zilpa, de slavin van Lea: Gad en Aser. Dit waren de zonen van Jakob, die hem geboren waren in Paddan-Aram.

Genesis 49:20Aser: heerlijk is zijn brood, Hij biedt koninklijke lekkernijen.

Proverbs 31:28Haar zonen staan op, en prijzen haar gelukkig, Haar man ook geeft haar deze lof:

Luke 1:48Want Hij ziet op de geringheid neer van zijn dienstmaagd. Zie, van nu af prijzen mij zalig Alle geslachten;

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Genesis 30:13

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Genesis 30:12Genesis 30Genesis 30:14 →