The Bible Software
bible.software › Genesis › Genesis 46 › Genesis 46:11

Genesis 46:11

De zonen van Levi: Gersjon, Kehat en Merari.

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

And the sons of Levi; Gershon, Kohath, and Merari.

In Context

10De zonen van Simeon: Jemoeël, Jamin, Ohad, Jakin, Sóchar en Sjaoel, de zoon van een kanaänietische vrouw.

12De zonen van Juda: Er, Onan, Sjela, Fares en Zara. Er en Onan stierven in het land Kanaän. De zonen van Fares waren Esron en Chamoel.

Read all of Genesis 46

Cross References

Genesis 29:34Nog eens werd ze zwanger, en baarde een zoon. En ze sprak: Nu zal mijn man zich toch wel aan mij hechten; want ik heb hem al drie zonen gebaard. Daarom noemde zij hem Levi.

Exodus 6:14Dit zijn de hoofden hunner geslachten. De zonen van Ruben, den eerstgeborene van Israël, waren Chanok en Palloe, Chesron en Karmi. Dit zijn de geslachten van Ruben.

Numbers 3:17Dit zijn de namen van de zonen van Levi: Gersjon, Kehat en Merari.

Numbers 8:1Jahweh sprak tot Moses:

Deuteronomy 33:8Over Levi sprak hij: Geef aan Levi uw Toemmim, Uw Oerim aan uw gunsteling, Die Gij bij Massa op de proef hebt gesteld, Met wie Gij bij het water van Meriba hebt getwist;

1 Chronicles 2:11Naässon verwekte Salma; Salma verwekte Bóoz,

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Genesis 46:11

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Genesis 46:10Genesis 46Genesis 46:12 →