bible.software › Hosea › Hosea 2 › Hosea 2:6
Hosea 2:6
Daarom zal Ik haar paden met doornen omheinen, Met muren versperren, zodat ze haar weg niet meer vindt.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Therefore, behold, I will hedge up thy way with thorns, and make a wall, that she shall not find her paths.
In Context
5Want hun moeder heeft ontucht bedreven, Die hen baarde, heeft zich met schande bedekt; Ze sprak: Ik loop mijn minnaars achterna, Die mij brood en water verschaffen, Mijn wol en mijn vlas, Mijn olie en dranken.
7Loopt ze haar minnaars nog na, dan bereikt zij ze niet, Zoekt zij ze nog, dan vindt zij ze niet. Dan zal ze zeggen: Ik keer terug naar mijn vroegeren man Want toen had ik het beter dan nu.
Read all of Hosea 2
Cross References
Job 19:8Hij heeft mijn weg versperd: ik kan niet voorbij, En duisternis op mijn paden gelegd;
Lamentations 3:7Hij metselde mij in, zodat ik niet kon ontsnappen, En verzwaarde mijn ketens;
Luke 19:43Waarachtig, er zullen dagen over u komen, dat uw vijanden een wal om u werpen, u omsingelen, en u van alle kanten benauwen;
This Verse In Other Editions
Study Hosea 2:6