Jesaja 24:8
Het gejubel der pauken verstomt, Weg is het vrolijk gejoel, het juichen der citers;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
The mirth of tabrets ceaseth, the noise of them that rejoice endeth, the joy of the harp ceaseth.
In Context
7De wijntros kwijnt, de wingerd versmacht, Wat dartel is, zucht;
9Men drinkt geen wijn meer bij gezang, De drank smaakt bitter aan den drinker.
Cross References
Psalms 137:2En aan de wilgen, die daar stonden, Hingen wij onze harpen op.
Isaiah 23:15Op die dag zal Tyrus in vergetelheid raken, Zeventig jaar, als de tijd van één koning. Maar op het eind van die zeventig jaar, Zal het Tyrus gaan naar het deernen-lied:
Jeremiah 16:9Zo spreekt Jahweh der heirscharen, Israëls God: Want Ik zal in deze plaats doen verstommen, Voor uw ogen en in uw dagen, De kreten van blijdschap en vreugde, De jubel van bruidegom en bruid!
Ezekiel 26:13Ik zal doen verstommen De klank uwer liederen; En het getokkel uwer harpen Zal nimmermeer worden gehoord.
Amos 6:7Daarom gaan ze nu de ballingschap in, In de voorste rijen der ballingen; Het is uit met de bent van die slempers: