Jesaja 26:17
Zoals een vrouw, wier barensuur nadert, Zich wringt en kermt in haar weeën, Zo waren wij, Jahweh, voor U:
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
16Jahweh, in onze benauwing zochten wij U, Riepen U aan, als uw kastijding ons trof.
Cross References
Psalms 48:6Vreselijke angst greep hen aan, En wee als een barende vrouw:
Isaiah 21:3Mijn lenden zijn er vol krampen van, Weeën grijpen mij aan als een barende vrouw; Ik krimp ineen van het horen, ben ontdaan van het zien,
Jeremiah 6:24We horen wat er van hen wordt verteld, En onze handen hangen er slap van; Angst grijpt ons aan, Weeën als van een barende vrouw.
John 16:21De vrouw in barensnood heeft smart, omdat haar uur is gekomen; maar wanneer ze het kind heeft gebaard, dan denkt ze niet meer aan haar weeën, van blijdschap dat er een mens is geboren.