Jesaja 26:7
Maar het pad der vromen is effen, En voor den rechtvaardige baant Gij een weg;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
The way of the just is uprightness: thou, most upright, dost weigh the path of the just.
In Context
6Ze worden onder de voeten vertrapt, De voeten der armen, de treden der zwakken!
Cross References
1 Samuel 2:2Niemand is heilig als Jahweh, Niemand een rots als onze God!
Job 27:5Ik denk er niet aan, u gelijk te geven, Tot mijn laatste snik houd ik mijn onschuld vol;
Psalms 1:6Want Jahweh kent het pad der rechtvaardigen, Maar de weg der goddelozen loopt uit op verderf.
Psalms 11:4Jahweh blijft in zijn heilige tempel, Jahweh houdt in de hemel zijn troon; Zijn ogen zijn op de wereld gericht, Zijn wimpers doorvorsen de kinderen der mensen.
Psalms 18:23Ik was voor Hem zonder smet, Had mij zuiver van zonde bewaard;
Proverbs 11:5De weg van den rechtvaardige wordt door zijn deugd geëffend, Maar de boze komt door zijn boosheid ten val.