Jesaja 32:14
Want de burcht ligt eenzaam, verlaten de woelige stad, Ofel en toren verwoest: Holen voor eeuwig, Een lustoord voor ezels, een weide der kudde.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
13Doornen en distels woekeren op de grond van mijn volk In alle lustpaleizen der dartele veste;
Cross References
2 Kings 25:9Hij stak de tempel van Jahweh, het koninklijk paleis en alle huizen van Jerusalem, al de grotere althans, in brand.
Nehemiah 3:26daarna de tempelknechten, die op de Ofel woonden, tot het punt tegenover de oostelijke Waterpoort en de vooruitspringende toren.
Isaiah 3:26Dan zullen ze klagen en rouwen onder haar poorten, En eenzaam zitten op de grond.
Isaiah 6:11Ik zeide: Hoe lang zal dit duren, o Heer? Hij sprak: Tot de steden vernield zijn, En geen bewoners meer hebben; De huizen ontvolkt, Het land verwoest en verlaten;
Isaiah 24:1Zie, Jahweh ontvolkt En vernielt de aarde; Hij keert haar onderstboven, Verstrooit haar bewoners!
Isaiah 24:12In de steden zijn enkel puinhopen over, De poorten liggen vertrapt en verbrijzeld.